Toewijzingsprocedure 2026-2027
Ingangsdatum 1 augustus 2026
Samenwerkingsverband De Verbinding
Auteurs: Voorzitter Commissie van Toewijzing en beleidsadviseur van het Onderwijsloket
Vastgesteld door R. de Boer d.d. 1 augustus 2026
Besluitvorming en rol van de CvT
Samenstelling van de CvT
Uitgangspunten van de procedure
Visie op ondersteuning en onderwijs
Wel een aanvraag bij de CvT nodig
Geen aanvraag bij de CvT nodig
Systeem
De procedure
Compleetheid van aanvragen, controle door de secretaris van de CvT
De aanvraag is volledig
Procedure bij onvolledige aanvragen
Transparantie
Navolgbaarheid
Administratieve verwerking en controle
Informatiebeveiliging en privacy
Voorwoord
Voor u ligt het geactualiseerde TLV-beleid, dat richting geeft aan de wijze waarop toelaatbaarheidsverklaringen binnen ons samenwerkingsverband worden ingezet en beoordeeld. Dit beleid is tot stand gekomen in samenhang met het Ondersteuningsplan van SWV De Verbinding 2025-2029, waarin de gezamenlijke ambitie is vastgelegd om steeds inclusiever onderwijs te realiseren en de ondersteuning zo veel mogelijk binnen het regulier voortgezet onderwijs vorm te geven.
De afgelopen periode (2025–2026) heeft laten zien dat de praktijk van TLV-toekenning voortdurend in ontwikkeling is. Er is ervaring opgedaan met de positionering van ouders/verzorgers en jongeren binnen het TLV-proces en met het verder concretiseren van het kader voor bekostigingscategorie midden. Deze ervaringen hebben waardevolle inzichten opgeleverd over transparantie, eenduidigheid en de mate waarin betrokkenen zich gehoord en betrokken voelen.
In lijn met de ambities uit het ondersteuningsplan – waarin een verdere beweging naar inclusief onderwijs binnen het reguliere vo centraal staat – zijn voor 2026–2027 een aantal aanpassingen doorgevoerd. Deze wijzigingen zijn expliciet ingegeven door de opgedane praktijkervaring en de wens van de schoolbesturen om het proces consistenter en beter uitlegbaar te maken.
Concreet betekent dit onder andere:
- Een verdere verduidelijking van de positie van ouders/verzorgers en jongeren binnen het TLV-proces, met nadruk op participatie en begrijpelijkheid van besluitvorming.
- Een aanscherping van het kader voor bekostigingscategorie midden en maatwerkbekostiging, zodat de toekenning beter aansluit bij de ondersteuningsbehoefte en de onderwijspraktijk.
- Een herijking van de werkwijze rondom verlengingsaanvragen van TLV’s, waarbij het regulier voortgezet onderwijs standaard wordt geconsulteerd bij verlengingsaanvragen voor vso, met uitzondering van categorie midden en hoog en specifieke situaties binnen categorie laag (uitstroom dagbesteding en beschutte arbeid).
Met deze aanpassingen beogen we een TLV-proces dat beter aansluit bij de gezamenlijke inclusie-ambitie, duidelijker is voor alle betrokkenen en recht doet aan de diversiteit van ondersteuningsbehoeften in het onderwijs. Het beleid blijft daarbij een dynamisch kader dat zich ontwikkelt op basis van praktijkervaring, samenwerking en gezamenlijke reflectie binnen het samenwerkingsverband.
Inleiding
Dit document beschrijft de procedure en criteria die gelden voor de toewijzing van TLV’s en andere arrangementen binnen het samenwerkingsverband De Verbinding.
Besluitvorming en rol van de CvT
De Commissie van Toewijzing (CvT) speelt een centrale rol in het besluitvormingsproces. Deze commissie beoordeelt aanvragen, geeft advies en doet een voorstel aan de directeur-bestuurder van het samenwerkingsverband, die de uiteindelijke beslissing neemt.
Samenstelling van de CvT
De CvT bestaat uit:
- Een onafhankelijk voorzitter
- Zes deskundigen die voldoen aan de wettelijke eisen
- Twee secretarissen
Bij ieder besluit zijn minimaal twee (onafhankelijke) deskundigenadviezen vereist. Deze adviezen beschrijven helder de categorie en duur van de voorgestelde ondersteuning. Elk besluit wordt gemotiveerd en deze motivatie wordt opgenomen op de beschikking.
Uitgangspunten van de procedure
De procedure is ontwikkeld met aandacht voor twee kernprincipes:
- Voorkomen van onnodige bureaucratie: De procedure moet efficiënt en praktisch uitvoerbaar zijn.
- Zorgvuldige behandeling van aanvragen: Bij twijfel of tegenstrijdige standpunten van de school en ouders* van de jongere biedt de procedure een zorgvuldig proces dat zowel aan de wettelijke eisen voldoet als betrokkenen overtuigt van de redelijkheid van het genomen besluit.
Hoewel het samenwerkingsverband uitgaat van een breed gedragen instemming van zowel school als ouders bij de meeste TLV-aanvragen, biedt de procedure voldoende transparantie, volledigheid en navolgbaarheid om in het geval van verschil van inzicht recht te doen aan alle betrokkenen.
Visie op ondersteuning en onderwijs
Goed onderwijs is onlosmakelijk verbonden met goede onderwijsondersteuning. Het samenwerkingsverband streeft naar het volgende:
- Voor elke jongere in de regio een diploma op passend niveau, of – waar dat niet passend is – een duurzame en toekomstbestendige plek op de arbeidsmarkt of in (beschut) werk/dagbesteding.
- Een dekkend en samenhangend netwerk van onderwijs- en ondersteuningsvoorzieningen, zodat jongeren een ononderbroken ontwikkelingsproces kunnen doorlopen.
Binnen het regulier voortgezet onderwijs zijn alle scholen in staat om onderwijs te bieden binnen de basis- en extra ondersteuning. Wanneer in uitzonderlijke gevallen blijkt dat dit onvoldoende toereikend is om een passend aanbod te realiseren, kan een tijdelijk maatwerkbudget worden aangevraagd en ingezet om de school hierin te versterken.
Indien de ondersteuningsbehoeften van de jongere tijdelijk specialistische begeleiding vragen, kan gebruik worden gemaakt van een symbiosevoorziening of plaatsing binnen het voortgezet speciaal onderwijs. Deze laatste twee mogelijkheden worden altijd ingezet vanuit de missie om ondersteuning niet langer dan nodig te laten duren, met als uitgangspunt het perspectief op doorstroom naar regulier voortgezet onderwijs waar mogelijk.
*Waar in deze toewijzingsprocedure wordt gesproken over ouders, wordt specifiek gedoeld op de gezaghebbende ouder(s) en/of verzorger(s) van de jongere.
Toewijzing nodig of niet?
Binnen ons samenwerkingsverband zorgen we ervoor dat jongeren passend onderwijs en ondersteuning kunnen ontvangen. Hieronder staat aangegeven wanneer een aanvraag bij de CvT noodzakelijk is en wanneer niet.
Wel een aanvraag bij de CvT nodig
Voor de volgende vormen van onderwijs en/of ondersteuning dient een aanvraag bij de Commissie van Toewijzing (CvT) te worden ingediend:
- Voortgezet speciaal onderwijs (vso)
- Praktijkonderwijs (pro)
- Symbiosevoorziening
- Maatwerkbudget vo
- Overbruggingsbudget voor wachtlijst vso
- Overstapcoach vso – vo
- Tijdens de Ondersteuningsplanperiode 2025-2029 zal de CvT eveneens verantwoordelijk worden voor het nemen van besluiten op aanvragen voor deelname van jongeren aan bovenschoolse arrangementen.
Geen aanvraag bij de CvT nodig
Voor de onderstaande vormen van onderwijs en/of ondersteuning is géén aanvraag bij de CvT nodig:
- Basis- of extra ondersteuning voor jongeren met ondersteuningsbehoeften.
Zijn er specifieke vragen over de noodzaak van een aanvraag of de procedure? Neem dan gerust contact op met de secretaris van de CvT via aanvragen@swvdeverbinding.nl. De secretaris van de CvT is dagelijks bereikbaar tussen 10.00u-12.00u op telefoonnummer 026-3650321.
Hoe verloopt de procedure
Aanvragen bij de CvT kunnen uitsluitend door vo/vso-scholen worden ingediend. Jongeren, ouders of ketenpartners hebben niet de mogelijkheid om een aanvraag in te dienen. De gezaghebbende van de school draagt verantwoordelijkheid voor de aanvraag en bekrachtigt deze met zijn of haar handtekening.
De procedure is opgesteld op basis van de volgende uitgangspunten:
- Bovenschoolse ondersteuning wordt toegewezen vanuit een handelingsgericht kader.
- De toewijzing is gebaseerd op de onderwijs- en ondersteuningsbehoeften, bevorderende en risicofactoren, zodat het ondersteuningsaanbod hier optimaal op kan aansluiten.
- De toewijzingsprocedure is transparant, navolgbaar en controleerbaar.
- De toewijzing vindt altijd plaats in samenspraak met jongere en ouders, vanuit het principe van educatief partnerschap.
- De nadruk ligt op het voortraject. Dit houdt in dat duidelijkheid en overeenstemming over het gewenste aanbod en perspectief worden verkregen op de school.
Systeem
Het is de verantwoordelijkheid van het schoolbestuur om ervoor te zorgen dat het samenwerkingsverband beschikt over de juiste en volledige gegevens. Deze gegevens worden aangeleverd via het systeem Kindkans. Een handleiding voor het gebruik van Kindkans is beschikbaar op de website van het samenwerkingsverband. Daarnaast draagt het schoolbestuur er zorg voor dat ouders tijdig en volledig worden geïnformeerd over de te volgen procedure.
De procedure
| Fase | Omschrijving | Door |
|---|---|---|
| 0 | Voorbereiding: Recentelijk geëvalueerd OPP, voer collegiaal overleg en voer OOGO. | Aanvragende school |
| 1 | Aanvraag indienen | Aanvragende school |
| 2 | Advisering | 1e en 2e deskundige samenwerkingsverband |
| 3 | Besluitvorming | Directeur-bestuurder SWV |
| 4 | Afronding en communicatie | Secretariaat SWV |
Fase 0: Voorbereiding
Om de toewijzingsprocedure efficiënt te laten verlopen, maakt de school gebruik van reeds beschikbare informatie. Indien jongere een (extra) ondersteuningsbehoefte heeft die verder reikt dan de basisondersteuning van de school, is het de verantwoordelijkheid van de school om een Ontwikkelperspectiefplan (OPP) op te stellen en dit te delen met het Registratie Onderwijsdeelnemers (ROD).
De volgende onderdelen zijn verplicht in het OPP:
- Een inhoudelijke zienswijze* van de jongere en de ouders, waarbij wordt vastgelegd hoe hun mening is betrokken bij het opstellen, bijstellen en vaststellen van het ontwikkelingsperspectief.
- De verwachte uitstroombestemming van de jongere.
- Een onderbouwing van de verwachte uitstroombestemming, inclusief een overzicht van de belemmerende en bevorderende factoren.
- Een beschrijving van de ondersteuningsbehoeften.
- Een overzicht van de geboden ondersteuning en begeleiding, zoals beschreven in het handelingsdeel van het OPP, voorzien van de handtekening van de jongere en diens wettelijke vertegenwoordiger.
De school bespreekt het meest recente OPP in een op overeenstemming gericht overleg (OOGO) met de ouders en de jongere. Tijdens dit overleg worden concrete doelen en afspraken helder vastgesteld en vastgelegd in het OPP.
Wanneer de school besluit een aanvraag in te dienen bij de CvT, gebeurt dit op basis van een recente evaluatie op het handelingsdeel van het OPP. Daarnaast is het noodzakelijk om aanvullend het regulier vo te consulteren voor mogelijkheden. Op de website van het samenwerkingsverband zijn de meest recente formulieren hiervoor te downloaden.
*Wet versterking positie ouders en jongeren in het passend onderwijs
Fase 1: Aanvraag indienen
Compleetheid van aanvragen, controle door de secretaris van de CvT
De secretaris van de CvT controleert of de aanvraag compleet is.
Belangrijke aandachtspunten zijn:
- Alle perspectieven en overwogen opties zijn beschreven.
- Het handelingsdeel in het OPP is recentelijk geëvalueerd (niet ouder dan 6 maanden).
- De inhoudelijke zienswijze van de jongere en ouders is onderdeel van de aanvraag.
Een aanvraag wordt alleen in behandeling genomen als deze volledig is.
Volledigheid betekent:
De aanvraag is ingediend bij het juiste samenwerkingsverband;
De aanvraag valt, volgens wet- en regelgeving en regionale afspraken, onder de verantwoordelijkheid van de CvT van het samenwerkingsverband De Verbinding. Dit geldt als aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:
- Leeftijd: De jongere is tussen de 11 en 20 jaar oud.
- Overstapcriteria*:
- Van so/(s)bao naar vso of zonder school van inschrijving: Aanvraag bij het samenwerkingsverband van de woonplaats van de jongere.
- Van vo naar vso: Aanvraag bij het samenwerkingsverband van de school van de jongere.
- Verlengingsaanvraag vso: Aanvraag bij het samenwerkingsverband dat de eerste TLV heeft afgegeven.
- Van residentiële of gesloten setting naar vso: Aanvraag bij het samenwerkingsverband van de laatst geldende TLV. Als er geen TLV meer is, wordt gekeken naar de school van inschrijving op de meest recente teldatum (1 oktober). Indien er geen school van inschrijving was, geldt het samenwerkingsverband van de woonplaats van de jongere.
- Maatwerkbudget vo: Aanvraag bij het samenwerkingsverband De Verbinding.
- Maatwerkbekostiging vso: Aanvraag bij het samenwerkingsverband De Verbinding
- Symbiosevoorziening: Aanvraag bij het samenwerkingsverband De Verbinding. Jongeren woonachtig in regio of onderwijsvolgend op een school in deze regio hebben voorrang.
De aanvraag is volledig
Een volledige aanvraag bevat alle wettelijk verplichte informatie, waaronder:
- OPP: Een recentelijk geëvalueerd OPP (niet ouder dan 6 maanden) dat voldoet aan wettelijke eisen.
- Inhoudelijk zienswijze van jongere en ouders ten aanzien van de aanvraag.
- Bij Maatwerkbudget vo en overbruggingsbudgetten: Een offerte met doelen, inzet, duur, benodigde expertise/disciplines en budget is toegevoegd.
- Volledig ingevuld aanvraagformulier* let op: Ondertekening door of namens bevoegd gezag van de aanvragende school. Op de website van het samenwerkingsverband zijn de meest recente aanvraagformulieren beschikbaar.
*M.u.v. een aanvraag voor het Praktijkonderwijs
Procedure bij onvolledige aanvragen
Als een aanvraag niet compleet is, wordt deze niet in behandeling genomen. Het secretariaat van het samenwerkingsverband geeft via Kindkans aan welke gegevens ontbreken. De aanvragende school kan de aanvraag na aanvulling opnieuw indienen.
Fase 2: Advisering
Twee onafhankelijke deskundigen geven advies over de aanvraag op basis van de criteria transparantie en navolgbaarheid. De eerste deskundige is een orthopedagoog of psycholoog, de tweede is, afhankelijk van de ondersteuningsvraag, een psycholoog, pedagoog, maatschappelijk werker, arts of kinderpsychiater. De twee onafhankelijke adviezen vormen de basis voor het besluit en worden meegestuurd bij de toewijzing of afwijzing van de aanvraag.
Indien de deskundigenadviezen niet eenduidig zijn, wordt een derde deskundige geraadpleegd. De voorzitter van de CvT formuleert een gemotiveerd voorstel tot besluit; de directeur-bestuurder neemt het besluit over de toekenning of afwijzing. Indien tijdens de behandeling van de aanvraag blijkt dat aanvullende gegevens noodzakelijk zijn voor een zorgvuldige besluitvorming, verzoekt de voorzitter de aanvragende school deze gegevens te verstrekken. In dat geval wordt de beslistermijn opgeschort vanaf het moment van het verzoek tot het moment van ontvangst van de gevraagde informatie. Na ontvangst van de volledige aanvullende informatie wordt de behandeling van de aanvraag hervat en voortgezet binnen de geldende proceduretermijn.
De CvT beoordeelt de aanvragen op transparantie en navolgbaarheid:
Transparantie
Transparantie houdt in dat er voldoende overleg heeft plaatsgevonden tussen de school, ouders en de jongere, met als doel overeenstemming te bereiken. Dit blijkt uit de volgende punten:
- De perspectieven van de jongere, de ouders en andere betrokkenen over de ondersteuningsbehoeften, de overwogen opties en de conclusies zijn helder vastgelegd in het aanvraagformulier. Op de website van het samenwerkingsverband zijn de meest recente aanvraagformulieren beschikbaar.
- De aanvraag is opgesteld volgens een handelingsgerichte werkwijze (HGW).
- Het regulier vo is geconsulteerd.
De jongere, de ouders en andere betrokkenen zijn het eens over de aanvraag, zoals blijkt uit de aanvraag, of: Er is geen overeenstemming tussen de jongere, de ouders en school, maar het proces is zorgvuldig doorlopen. In dit geval verzamelt de CvT het perspectief van de ouders, de jongere en de school in een zienswijzegesprek, dat op verzoek kan worden georganiseerd door de CvT. Het gespreksverslag wordt toegevoegd aan de aanvraag.
De CvT beoordeelt de aanvraag op basis van de volledige dossierinhoud en besluit of deze wordt goedgekeurd of afgewezen.
Navolgbaarheid
Navolgbaarheid betekent dat de aanvraag aansluit bij de behoeften van de betreffende jongere. Dit wordt aangetoond door de volgende punten:
- Is duidelijk omschreven dat de ondersteuningsvraag in de basisondersteuning niet kan worden ondersteund?
- Is duidelijk omschreven dat de ondersteuningsvraag in de extra ondersteuning niet kan worden ondersteund?
- Leidt het gehele proces tot een logische keuze voor de aanvraag?
- Komt de aanvraag (type, duur, categorie) overeen met de conclusie, de ondersteuningsbehoeften en de overwogen opties die zijn vastgelegd in het aanvraagformulier?
Op basis van de adviezen van twee onafhankelijke deskundigen en het oordeel van de voorzitter van de CvT wordt een gemotiveerd voorstel tot besluit opgesteld over toekenning of afwijzing van de aanvraag. De directeur-bestuurder neemt vervolgens het besluit.
De aanvraag wordt doorgaans binnen tien werkdagen in behandeling genomen, mits de aanvraag compleet is. De taak van de CvT is om de aanvraag van het bevoegd gezag van de school te toetsen aan de procedure zoals beschreven in deze toewijzingsprocedure en vervolgens een definitief besluit te nemen. De CvT informeert de aanvrager zo spoedig mogelijk, uiterlijk binnen zes weken na ontvangst van de aanvraag, schriftelijk over de uitkomst. Deze termijn kan met maximaal vier weken worden verlengd; de aanvrager wordt hierover tijdig geïnformeerd. Scholen ontvangen hierover een bericht via Kindkans. Jongeren en hun ouders ontvangen een bericht via beveiligde mail, gericht aan zowel de jongere als diens ouders. Daarbij wordt uitsluitend het e-mailadres van de ouders gebruikt.
Fase 3: Besluitvorming
De voorzitter van de CvT stelt, op basis van twee onafhankelijke deskundigenadviezen, een gemotiveerd voorstel op tot toekenning of afwijzing van de aanvraag.
Indien het voornemen bestaat de aanvraag af te wijzen of in een andere vorm toe te kennen, worden de belanghebbenden (de aanvragende school en/of ouders) in de gelegenheid gesteld om te worden gehoord. Na dit gesprek stelt de voorzitter een definitief, gemotiveerd voorstel vast. De directeur-bestuurder van het swv neemt vervolgens het formele besluit en bekrachtigt daarmee de uitkomst.
Fase 4: Afronding en communicatie
De secretaris van de CvT handelt het besluit administratief af. De aanvragende school en de wettelijk vertegenwoordiger(s) worden geïnformeerd over het besluit. Ter onderbouwing worden twee onafhankelijke deskundigenverklaringen bij het besluit gevoegd.
De secretaris van de CvT voegt het besluit, samen met de twee onafhankelijke adviezen, toe aan het jongeredossier in Kindkans. De jongere en diens ouders ontvangen het besluit en de deskundigenadviezen via een beveiligde e-mail. De school wordt per e-mail op de hoogte gesteld en kan het besluit en de onafhankelijke adviezen downloaden uit Kindkans.
Administratieve verwerking en controle
De vso-school waar de jongere onderwijs gaat volgen registreert de TLV in de administratie voor de bekostiging. Het secretariaat van het samenwerkingsverband voert jaarlijks, met peildatum 1 februari, een controle uit op het aantal ingeschreven jongeren met een TLV in verhouding tot de toewijzingen.
Richtlijnen en voorwaarden
Het samenwerkingsverband ontvangt verschillende typen aanvragen. Per type aanvraag is nauwkeurig bepaald bij welk samenwerkingsverband deze moet worden ingediend:
TLV-vso
- Onderinstroom: Bij een aanvraag voor een TLV vso voor een jongere die is ingeschreven op een regulier bao, sbo of so, wordt de aanvraag door de aanvragende vo-/vso-school ingediend bij het samenwerkingsverband van de regio waar de jongere woont.
- Zij-instroom: Bij een aanvraag voor een TLV vso voor een jongere die is ingeschreven op een reguliere school voor voortgezet onderwijs, wordt de aanvraag ingediend bij het samenwerkingsverband van de verwijzende school.
- Verlenging: Voor een jongere die al staat ingeschreven op een vso-school, wordt de aanvraag TLV vso ingediend bij het samenwerkingsverband dat de oorspronkelijke toelaatbaarheidsverklaring heeft afgegeven.
- Indien de jongere niet is ingeschreven bij een school, wordt de aanvraag TLV vso ingediend bij het samenwerkingsverband van de regio waar de jongere woont.
- In het geval van een aanvraag TLV vso voor een jongere geplaatst in een residentiële instelling, wordt de aanvraag ingediend bij het SWV waar de jongere stond ingeschreven voorafgaand aan de plaatsing op de residentiele instelling. Hiervoor kan het stroomschema van de overheid geraadpleegd worden.
TLV-pro
- Bij een onderinstroom of zij-instroom voor praktijkonderwijs TLV pro, wordt de aanvraag door de aanvragende praktijkschool ingediend bij het samenwerkingsverband van de praktijkschool.
Overige
- Symbioseadviescommissie, bij SWV De Verbinding
- Overstapcoach vso – vo, mits de jongere een TLV van SWV De Verbinding heeft, bij SWV De Verbinding
- Overbruggingsbudget, mits de jongere een TLV van SWV De Verbinding heeft, bij SWV De Verbinding
- Maatwerkbudget vo, bij SWV De Verbinding
Informatiebeveiliging en privacy
De CvT voert haar taken uit met inachtneming van de geldende wet- en regelgeving, waaronder:
- De Wet op het Voortgezet Onderwijs
- De Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG)
- De Algemene Wet Bestuursrecht
- De Algemene Wet gelijke behandeling
Daarnaast volgt de CvT het privacyreglement. Meer informatie over privacybescherming en de verwerking van persoonsgegevens vindt u in het privacyreglement, dat eveneens beschikbaar is via de website van het samenwerkingsverband.
Bezwaar
Een van de kerntaken van het samenwerkingsverband is het beoordelen of een jongere toelaatbaar is tot het (voortgezet) speciaal onderwijs ((v)so). Dit wordt vastgelegd in een toelaatbaarheidsverklaring (TLV), die als besluit valt onder de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Tegen dit besluit kan bezwaar worden gemaakt, met de mogelijkheid om vervolgens beroep in te stellen.
Een bezwaarschrift moet digitaal worden ingediend bij het samenwerkingsverband. De termijn voor indiening is zes weken na de datum van het besluit, conform de Awb.
Volgens de wet is elk samenwerkingsverband verplicht een bezwaaradviescommissie in te stellen die een onafhankelijk advies uitbrengt over de afhandeling van ingediende bezwaarschriften. Het Samenwerkingsverband De Verbinding maakt voor deze wettelijke verplichting gebruik van de Landelijke Bezwaaradviescommissie Toelaatbaarheidsverklaring (LBT). De directeur-bestuurder is verantwoordelijk voor het voorleggen van het bezwaarschrift aan LBT.
Kwaliteit
Het samenwerkingsverband streeft ernaar de bovenstaande procedure met de grootst mogelijke zorgvuldigheid te doorlopen, met inachtneming van de wettelijke vereisten en de genoemde richtlijnen.
De kwaliteit van de procedure wordt op drie manieren bewaakt:
- Jaarlijkse evaluatie: Het bureau van het samenwerkingsverband evalueert de procedure jaarlijks en stelt deze waar nodig bij.
- Externe toetsing: jaarlijks wordt een steekproef van afgeronde TLV-aanvragen beoordeeld door een externe groep van minimaal drie deskundigen, waaronder een gedragsdeskundige en een ondersteuningscoördinator. Deze groep fungeert als ‘critical friend’ en houdt toezicht op de naleving van de procedure en de besluitvorming. Elke keer wordt 10% van de TLV-aanvragen van de voorgaande periode beoordeeld, met een minimum van 3 en een maximum van 5 dossiers. Hierbij wordt rekening gehouden met een evenwichtige verdeling van deskundigen en type aanvragen.
- Interne toetsing: Om interne afstemming en consistentie in advisering te waarborgen, wordt jaarlijks een interne steekproef gehouden. Hierbij legt iedere deskundige minimaal één dossier ter inhoudelijke bespreking voor aan de overige deskundigen.
Deze aanpak draagt bij aan een transparant en consistent proces, met oog voor kwaliteit en zorgvuldigheid.
8. Bijlagen
Bijlage 1: Richtlijnen TLV vso
Bijlage 2: Werkwijze bij aanvragen voor TLV praktijkonderwijs
Bijlage 3: Werkwijze toeleiding naar Symbioselocaties
Bijlage 4: Richtlijnen maatwerkbudget vo
Bijlage 5: Richtlijnen overbruggingsbudget
Bijlage 6: Richtlijnen overstapcoach vso-vo