Richtlijnen voor TLV-vso
Inhoudelijke criteria:
- Onderwijsbehoeften: De onderwijsbehoeften van de jongere zijn concreet en duidelijk omschreven, inclusief een toelichting op de actualiteit van deze behoeften.
- Intensieve ondersteuningsbehoefte: Er is sprake van aantoonbare meervoudige, complexe problematiek met zeer intensieve ondersteuningsbehoeften op minimaal twee domeinen (leren en ontwikkelen, sociaal-emotioneel functioneren en/of fysieke gezondheid), zoals beschreven binnen het landelijke doelgroepenmodel en de bijbehorende leerroutes. De ondersteuningsbehoefte overstijgt de basis- en extra ondersteuning binnen het regulier onderwijs en valt binnen de categorie ‘intensief’ tot ‘zeer intensief’. Toekenning is uitsluitend
mogelijk indien sprake is van structurele en ernstige belemmeringen voor (gedeeltelijke) deelname aan regulier onderwijs en substantiële afhankelijkheid van ondersteuning door
derden binnen de onderwijssetting. - Ingezette ondersteuning: De aanvragende school heeft inzichtelijk gemaakt welke ondersteuning (basisondersteuning, extra ondersteuning en eventueel Maatwerkbudget vo) is
ingezet en wat de resultaten hiervan zijn geweest. - Evaluatie OPP: Naast basisondersteuning heeft de school minimaal extra ondersteuning en indien nodig een Maatwerkbudget vo ingezet. De effecten van deze maatregelen zijn
recentelijk geëvalueerd en vastgelegd in het ontwikkelingsperspectiefplan (OPP). - Regulier onderwijsaanbod: Het dossier bevat een onderbouwde conclusie dat er geen passend onderwijsaanbod binnen regulier voortgezet onderwijs beschikbaar is. Voorafgaand
aan de TLV-aanvraag heeft de verwijzende school hierover contact gehad met ten minste één andere vo-school. Overwogen alternatieven, zoals een symbioselocatie, zijn in het dossier
gedocumenteerd, evenals een verslag van het collegiale overleg conform kwaliteitsafspraken. - Beschrijving problematiek: Er is een gedetailleerde beschrijving van de problematiek van de jongere, inclusief het gedrag en de onderwijsbeperkingen. Indien de oorzaak van het gedrag niet duidelijk is, toont het dossier welke acties de school heeft ondernomen om dit te onderzoeken, eventueel in samenwerking met netwerkpartners.
- Zienswijze jongere en ouders: De zienswijze van de jongere en zijn/haar ouders met betrekking tot de ondersteuningsbehoefte en het benodigde begeleidingsaanbod is helder
omschreven. Een handtekening onder de TLV-aanvraag is niet voldoende.
Procedurele criteria:
- Interne ondersteuningsstructuur: De aanvragende school heeft, voor zover relevant, de interne ondersteuningsstructuur volledig benut. Dit omvat zowel basis- als extra ondersteuning, uitgevoerd op een structurele en planmatige wijze volgens het OPP.
- Betrokkenheid netwerkpartners: De expertise van netwerkpartners is tijdig ingeschakeld bij de ondersteuningsvragen van de jongere.
- Betrokkenheid jongere en ouders: De jongere en zijn/haar ouders zijn actief betrokken bij het proces dat heeft geleid tot de TLV-aanvraag.
- Geschiktheid voor vso: Het dossier toont aan dat de jongere in staat is om binnen het vso deel te nemen aan het onderwijsprogramma.
Toekenning categoriehoogte:
Bij de beoordeling van een TLV-aanvraag kent het samenwerkingsverband een ondersteuningscategorie toe. Standaard wordt de categorie laag toegekend wanneer de onderwijs- en
ondersteuningsbehoeften van de jongere intensief zijn, maar nog binnen de basisvoorwaarden van vso-ondersteuning passen.
Wanneer uit de aanvraag blijkt dat de jongere behoefte heeft aan nog intensievere ondersteuning, kan het samenwerkingsverband een categorie midden of hoog toekennen. Deze toekenning is gebaseerd op de ernst van de problematiek, de aard van de ondersteuningsbehoeften en de evaluatie van eerder geboden ondersteuning door de school.
De specifieke richtlijnen en voorwaarden voor het toekennen van de categorieën midden en hoog zijn opgenomen in de tabel bij het onderdeel Richtlijnen en Voorwaarden van de Toewijzingsprocedure.