Werkwijze toeleiding naar symbioselocaties
Inhoudsopgave
- Inleiding
- Algemeen
- Leerlingstromen
- Samenstelling Adviescommissie Symbiose
- Aanleveren dossiers
- Werkwijze Adviescommissie Symbiose
- Toekenning door bureau SWV
1. Inleiding
De “stip op de horizon” voor inclusief onderwijs in Nederland is dat in 2035 de meeste scholen de overgang naar inclusief onderwijs hebben gemaakt. Het doel is dat de scholen zo ingericht zijn dat alle leerlingen, ongeacht hun ondersteuningsbehoefte, samen kunnen leren en zich kunnen ontwikkelen in een inclusieve omgeving. Alle vo-scholen bieden al basis- en extra ondersteuning, leerlingen die meer hulp nodig hebben boven op deze basis-en extra ondersteuning kunnen in aanmerking komen voor plaatsing binnen een symbiosevoorziening.
Een symbiosevoorziening is een extra laag tussen de extra ondersteuning van een vo-school en het vso-onderwijs en is de eerste stap naar inclusief onderwijs. Het doel van een symbiosevoorziening is om leerlingen met een intensieve onderwijs- en/of ondersteuningsbehoefte meer thuisnabij onderwijs te kunnen bieden, en thuiszitters en leerlingen die nu op het vso zitten terug te laten stromen naar het regulier onderwijs. Dit sluit aan bij onze visie naar het meer inclusief maken van het onderwijs binnen het SWV, waarbij we ons ook realiseren dat alleen het opstarten van een aantal symbiosevoorzieningen onvoldoende is. Het is een eerste stap en vraagt om een meer structurele aanpak, het versterken van de basis op orde en gezamenlijke visie. Een bijkomend voordeel is dat deze maatregelen en inspanningen zullen leiden tot een afname van de TLV aanvragen binnen ons SWV.
Als de vo-school kan onderbouwen dat de ondersteuningsbehoeften aansluiten bij de symbiosevoorziening, wordt het dossier van de leerling besproken in de Adviescommissie Symbiose en anders niet. Het dossier wordt met de Adviescommissie Symbiose gedeeld, besproken en er volgt een advies. De onafhankelijk voorzitter van de adviescommissie legt het dossier voor aan de voorzitter commissie van toewijzing (CvT) om het advies te formaliseren. De uiteindelijke eindverantwoordelijkheid voor het plaatsen van een leerling in de symbioseklas ligt bij het bevoegd gezag van de vo-school.
2. Algemeen
De Adviescommissie Symbiose heeft een adviserende rol naar de reguliere vo-school met een symbiosevoorziening met betrekking tot de aanmelding en toelating van leerlingen. Ook monitort de Adviescommissie Symbiose alle aanmeldingen om te kunnen bepalen of er sprake is van een dekkend netwerk binnen het SWV.
Voor wie is de symbiosevoorziening:
- voor leerlingen die staan ingeschreven op of zijn aangemeld bij een van de scholen van het SWV De Verbinding,
- voor leerlingen die passen in de doelgroepbeschrijving van een van de symbiosevoorzieningen.
Een leerling voor de symbiosevoorziening:
- is gebaat bij een kleinschalige, veilige en gestructureerde omgeving;
- is gebaat bij een persoonlijke, individuele aanpak gericht op vertrouwen (ontwikkelen) en gezien worden;
- is gebaat bij een aangepast (onderwijs)programma door bijvoorbeeld negatieve ervaringen op school, thuiszitter zijn of die om medische redenen het volledige onderwijsprogramma niet heeft kunnen volgen;
- heeft de mogelijkheid tot het ontwikkelen van reflectief vermogen en een gesprek kunnen voeren over het eigen gedrag;
- is gemotiveerd om uit te stromen naar regulier vo (leerling en ouders);
- kan samenwerken of heeft de wil om dit te leren;
- volledig belastbaar zijn voor onderwijs is geen vereiste, wel wenselijk (bij beperkte belastbaarheid aan de start van het traject is een leerling altijd een “bespreekgeval”);
- de ondersteuningsvraag van de leerling zou een TLV-vso rechtvaardigen, op het moment dat er geen symbioselocatie voor handen is;
- is gebaat bij gespecialiseerde ondersteuning, en vraagt om een goede afstemming met (jeugd)zorg;
- het (sociale) gedrag van de leerling is geen belemmering voor andere leerlingen in de reguliere school.
3. Leerlingstromen
Leerlingen kunnen vanuit verschillende situaties worden aangemeld bij een symbioselocatie:
- Onderinstroom – regulier basisonderwijs
- Onderinstroom – speciaal basisonderwijs (sbo) of speciaal onderwijs (so)
- Zij-instroom vanuit regulier vo
- Zij-instroom vanuit vso
Zie ook:
- Handreiking-po-vo-orientatie-voor-bao
- Symbiosevoorzieningen vanaf schooljaar 2025
- Aanmeldroute primair onderwijs naar voortgezet onderwijs
Onderinstroom (vanuit het basisonderwijs):
Basisscholen hebben goed zicht op leerlingen met ondersteuningsbehoeften. Als ook in het reguliere voortgezet onderwijs extra ondersteuning nodig is, blijft het voor de doorgaande ondersteuningslijn belangrijk om de ondersteuningsbehoeften goed te beschrijven, ouders hier goed in mee te nemen en goed over te dragen naar de vervolgschool.
Vanuit oriëntatie po-vo
Een basisschool die twijfels heeft over de mate van extra ondersteuning die een leerling in groep 8 straks op het vo nodig zal hebben, neemt contact op met de vo-school van voorkeur om een oriëntatie te doen. Er volgt een gesprek met ouders, betrokkenen vanuit het po en het vo. De vo-school moet wegen of zij, óf een andere vo-school/symbiosevoorziening, de ondersteuning kan bieden, al dan niet met maatwerkbudget. Zij moeten het alternatief hierop bevragen in plaats van zelf in te vullen. De eerste school houdt de regie en vult eventueel de onderbouwing voor doorstroom naar het vso in. Op het moment dat de vo-school samen met de basisschool en ouders een symbiosevoorziening als het meest passend acht, wordt het dossier aangeleverd bij de Adviescommissie Symbiose en daar besproken.
Reguliere aanmelding
Leerlingen die regulier worden aangemeld en waarvan de vo-school twijfels heeft of zij tegemoet kan komen aan de ondersteuningsbehoeften van de leerling en de ondersteuningsbehoeften meer passend lijken bij de symbiosevoorziening, kunnen worden aangemeld bij de Adviescommissie Symbiose. De vo-school zal dan het dossier compleet maken voor bespreking in de Adviescommissie Symbiose.
Onderinstroom vanuit het speciaal basisonderwijs (sbo) en speciaal onderwijs (so):
Als de verwachting is dat een leerling binnen het reguliere vo met extra ondersteuning plaatsbaar is, neemt het sbo/so contact op met de vo-school van voorkeur om een oriëntatie te doen. De contactpersoon van het Onderwijsloket van het SWV kan adviseren welke vo-school/symbiosevoorziening mogelijk passend is. Er volgt een gesprek met ouders, betrokkenen vanuit het sbo/so en het vo. De vo-school moet wegen of zij, óf een andere vo-school/symbiosevoorziening, de ondersteuning kan bieden, al dan niet met maatwerkbudget. Zij moeten het alternatief hierop bevragen in plaats van zelf in te vullen. De eerste school houdt de regie en vult eventueel de onderbouwing voor doorstroom naar het vso in. Op het moment dat de vo-school samen met de sbo/so-school en ouders een symbiosevoorziening als het meest passend acht, wordt het dossier door de vo-school aangeleverd (regie) bij de Adviescommissie Symbiose en besproken. Hiervoor gelden dezelfde voorwaarden als hierboven beschreven.
Zij-instroom (leerlingen die al op het vo of vso zitten):
Als een vo- of vso-school denkt dat een leerling in aanmerking komt voor plaatsing in een symbiosevoorziening, neemt de school contact op met een vo-school met een symbiosevoorziening. Iedere reguliere vo-school heeft de basis op orde en zij-instroom is in de regel pas aan de orde als de ondersteuningsstructuur van de verwijzende vo-school volledig is benut. Voor advies welke symbiosevoorziening passend kan zijn, kan de school contact opnemen met het Onderwijsloket van het SWV. De vo-school met de symbiosevoorziening maakt het dossier compleet en brengt de leerling in de Adviescommissie Symbiose.
4. Samenstelling Adviescommissie Symbiose
De adviescommissie bestaat uit de volgende leden:
- onafhankelijk voorzitter
- medewerker van het onderwijsloket van het SWV
- afvaardiging vanuit het vso
- de ondersteuningscoördinatoren van alle symbioselocaties.
5. Aanleveren dossiers
Dossiers worden aangeleverd via Kindkans. De onafhankelijk voorzitter van de Adviescommissie plant de bespreking van de leerling in de commissie. De dossiers moeten minstens 1 week voor bespreking beschikbaar zijn.
De bevatten in ieder geval:
- aanmeldformulier Adviescommissie Symbiose, volledig ingevuld met zienswijze en ondertekend door beide gezaghebbende ouders;
- recent OPP waar minimaal 6 maanden mee is gewerkt, inclusief een evaluatie (maximaal 3 maanden oud) van de huidige school;
- onderzoeksverslagen (indien relevant);
- verslagen hulpverlening (indien relevant);
- overige relevante documenten (indien aanwezig).
6. Werkwijze Adviescommissie Symbiose
- De commissie komt twee wekelijks 1,5 uur digitaal bijeen.
- Er worden maximaal 3 dossiers besproken. Deze worden via Kindkans aan de commissieleden beschikbaar gesteld.
- De intern begeleider of ondersteuningscoördinator van de verwijzende school is bij de bespreking van de leerling aanwezig.
- De uitkomst van de bespreking wordt schriftelijk aan de leerling, de ouders en de verwijzende school gestuurd.
- Anonieme casussen kunnen ingebracht worden, de adviescommissie geeft geen advies.
Taken van de Adviescommissie:
- bespreekt het aangeleverde dossier:
- adviseert de school waar de leerling is aangemeld of de leerling plaatsbaar is op een van de symbiosevoorzieningen;
- maakt een inschatting van de duur dat de leerling op de symbiosevoorziening zal zitten;
- monitort de aanmeldingen om te kijken of het SWV een dekkend netwerk van voorzieningen heeft;
- als een leerling niet plaatsbaar is op een van de symbiosevoorzieningen geeft de Adviescommissie Symbiose een negatief advies en wordt de leerling terugverwezen naar de vo-school.
7. Toekenning door bureau SWV
Het bevoegd gezag van de symbioselocatie besluit of de leerling plaatsbaar is. Als dat het geval is, verzoekt het bevoegd gezag het samenwerkingsverband de deelname van de leerling aan de symbiosevoorziening toe te kennen. Het advies van de Adviescommissie wordt meegewogen in de beoordeling van dit verzoek.